Laminaat is een vloer met een kern van houtvezelplaat, een decorlaag met de afdruk van hout, beton of tegels en een slijtvaste toplaag. De planken hebben een klikverbinding, vandaar de naam kliklaminaat, en liggen zwevend op een ondervloer, zonder lijm. Zo krijg je de uitstraling van een houten vloer met een harde toplaag die tegen dagelijks gebruik kan.
Op Hellovloer vergelijk je laminaat. Je kiest op dikte, gebruiksklasse, structuur, kleur en look, en op geschiktheid voor vochtige ruimtes. Hieronder lees je per keuze wat het verschil betekent.
Laminaat kies je op dikte, gebruiksklasse en structuur. Alle drie staan bij elke vloer in de specificaties.
Laminaat is er meestal van 6 tot 12 mm dik. Dunner (6 tot 7 mm) is lichter en goedkoper, 8 mm is de meest gekozen dikte en ligt stevig in een woonkamer, slaapkamer of gang, en 10 tot 12 mm loopt steviger en klinkt minder hol. Een dikkere plank vraagt wel meer hoogte bij deuren en remt de warmte van vloerverwarming iets meer. Wil je minder contactgeluid naar de ruimte eronder, dan zoek je dat vooral in de ondervloer. De dikte staat bij elke vloer in de specificaties.
De gebruiksklasse laat zien hoe zwaar een vloer belast mag worden. Voor wonen zijn er de klassen 21 (licht), 22 (normaal) en 23 (intensief); kies 23 als de vloer ook in de hal of een drukke woonkamer komt. Voor zakelijk gebruik gelden 31 tot 34: 32 voor normaal gebruik, zoals een kantoor, en 33 voor zwaar gebruik, zoals een winkel. Veel laminaat heeft een woonklasse en een zakelijke klasse; beide staan bij de vloer.
Winkels noemen daarnaast vaak de AC-klasse, van AC1 tot AC6. Die volgt uit tests op slijtvastheid en loopt op met de gebruiksklasse: AC4 hoort doorgaans bij klasse 32, AC5 bij klasse 33. De fabrieksgarantie bij woongebruik verschilt per vloer en fabrikant; de termijn staat bij de vloer.
Laminaat is er zonder groef, met een V-groef aan de lange zijden en met een V-groef rondom, aan alle vier de zijden. Zonder groef oogt de vloer als één glad vlak; met een V-groef rondom zie je elke plank apart, zoals bij losse houten planken. Bij structuur kies je tussen een glad oppervlak, reliëf en synchrone pore. Synchrone pore legt de voelbare nerf precies op de houttekening van het dessin, reliëf valt niet samen met het dessin. Wil je dat een houtlook ook als hout aanvoelt, kies dan synchrone pore. Groef en structuur staan bij de vloer in de specificaties.
De meeste laminaatvloeren hebben een eikenlook in een rechte plank, van wit en licht beige tot naturel, bruin en grijs. Daarnaast is er laminaat in betonlook en tegellook. Een lichte vloer laat een kleine kamer ruimer ogen, een donkere vloer geeft een grote kamer meer warmte. Kies de tint dus bij de ruimte en het licht dat erin valt.
Er is ook laminaat in tegellook: brede, kortere panelen met de uitstraling van natuursteen of keramische tegels. Die zijn er soms in een uitvoering die geschikt is voor vochtige ruimtes; of dat zo is, staat bij de vloer. Zoek je een visgraatpatroon in PVC of parket, kijk dan bij de visgraat vloeren.
Laminaat kan op vloerverwarming, zolang de vloertemperatuur niet hoger wordt dan 27 °C; dat is de grens die fabrikanten meestal aanhouden. Of een vloer geschikt is, staat in de specificaties. Overleg met de winkel welke combinatie van vloer, ondervloer en verwarming past, ook bij elektrische vloerverwarming.
De ondervloer telt mee, want een dikke of isolerende ondervloer remt de warmte. Hoe lager de warmteweerstand (R-waarde), hoe beter de warmte doorkomt; een dikkere plank remt iets meer dan een dunne. Lees de R-waarde van de plank in de specificaties, houd plank en ondervloer samen op maximaal 0,15 m²K/W en vraag de winkel welke ondervloer daarbij past.
Een nieuwe dekvloer laat je eerst volledig droogstoken door de installateur, pas daarna gaat het laminaat erop. Stook de verwarming na het leggen geleidelijk op, zodat de planken kunnen wennen aan de warmte.
Laminaat kan in de keuken, bijkeuken en badkamer als bij de vloer vochtige ruimtes “geschikt” of “zeer geschikt” staat. Staat er “niet geschikt”, dan leg je hem niet in de badkamer, bijkeuken of het washok. In de keuken kan hij wel, als je gemorst water meteen opneemt.
Waterbestendig is niet waterdicht. De kern van laminaat is houtvezel, en die zwelt op als water langs een naad blijft staan. Neem gemorst water daarom direct op, ook bij een geschikte vloer. Een naad die eenmaal is opgezwollen, trekt niet meer terug.
In een badkamer of bijkeuken dicht je de randen langs wanden, bad en leidingen af zoals de leginstructie van de fabrikant voorschrijft. In een douchezone, waar water blijft staan, leg je laminaat nooit.
Onder zwevend laminaat hoort een ondervloer, tenzij er al een onderlaag aan de plank zit. De ondervloer vangt kleine oneffenheden op en dempt contactgeluid. Welke je kiest, hangt af van je situatie:
Plinten en profielen horen bij de afwerking. Plinten dekken de uitzetruimte langs de wand af, een overgangsprofiel verbindt de vloer met die in de volgende kamer en een eindprofiel werkt een open rand af. Je vindt ondervloeren, plinten en overgangsprofielen bij toebehoren.
Laminaat met klikverbinding kun je zelf leggen op een droge, vlakke en vaste ondergrond. Laat de pakken minstens 48 uur in de ruimte liggen voordat je begint, zodat de planken wennen aan temperatuur en luchtvochtigheid. Laat langs elke wand uitzetruimte open, want laminaat zet uit en krimpt met het seizoen. Hoeveel ruimte dat moet zijn, staat in de leginstructie van de fabrikant.
De vloer blijft los van de ondergrond en van de wand, dus plinten zet je vast aan de wand en niet aan de vloer.
Onderhoud komt neer op droog of licht vochtig schoonhouden, nooit nat. Zand schuurt de toplaag, dus leg een mat bij de buitendeur.
De prijs per m² die je bij laminaat op Hellovloer ziet, geldt alleen voor de vloer. Voor de complete vloer tel je deze posten erbij op:
Een rekenvoorbeeld: voor 40 m² reken je op 44 m² met 10% snijverlies. Reken ook op ondervloer, profielen en leggen, en omdat laminaat in hele pakken komt, bestel je iets meer dan dat.
Laat je de vloer leggen, dan wil je in de offerte apart zien wat het werk kost.
Kies laminaat voor een houtlook met een harde toplaag, PVC voor een kern die geen water opneemt en parket voor een toplaag van echt hout.
Het verschil zit in de kern en de dikte. Laminaat heeft een kern van houtvezel, PVC een kunststof kern die niet opzwelt. Laminaat is meestal 6 tot 12 mm dik en klik PVC 4 tot 7 mm; PVC klinkt in de kamer zachter, bij laminaat beperken een dikkere plank en een goede ondervloer het holle loopgeluid. Beide soorten vergelijk je op Hellovloer naast elkaar.
Vergelijk ook de PVC vloeren, en zoek je een zwevende vloer net als laminaat, bekijk dan klik PVC.
Parket heeft een toplaag van echt hout die je kunt schuren en opnieuw afwerken, laminaat heeft een decorlaag die dat niet toelaat. Wil je het echte hout voelen en de vloer jaren later kunnen opknappen, kies dan parket; zoek je de houtlook voor minder geld, dan is laminaat de logische keuze.
Laminaat is een harde vloer met een houtlook voor een bescheiden prijs, maar de houtvezelkern verdraagt geen staand water en je kunt de vloer niet opnieuw afwerken.
De voordelen:
De nadelen:
Je vergelijkt laminaat op Hellovloer, kiest de vloer die je wilt en vraagt gratis een offerte aan. Je ontvangt tot drie offertes van aangesloten vloerenwinkels. De vloer en het leggen komen van de winkel die jij kiest.
In de aanvraag geef je het aantal m² op en kies je of je plinten, een ondervloer en legservice wilt. Kijk bij elke offerte wat er is meegerekend, want een lage prijs per m² zegt weinig als ondervloer, plinten, leggen of snijverlies ontbreken. Begin bij de kleur en de look die bij jouw ruimte passen en vraag voor die vloer gratis een offerte aan.
Ja, laminaat met klikverbinding kun je zelf leggen als de ondergrond droog en vlak is. Je hebt een ondervloer, een zaag en afstandhouders voor de uitzetruimte nodig. Twijfel je, kies dan bij je offerteaanvraag voor legservice.
Reken de oppervlakte van de ruimte uit en doe er 10% bij voor snijverlies. Heb je 15 m², dan reken je op 16,5 m² en rond je af op hele pakken. Hoeveel m² er in een pak zit, staat bij de vloer onder verpakkingsinhoud.
Dat kan op een harde, vaste vloer die droog en vlak is, zoals een tegelvloer. Diepe voegen vul je eerst op. Zachte vloerbedekking zoals tapijt haal je weg. De winkel beoordeelt de ondergrond.
Stofzuig of veeg de vloer en neem hem af met een licht vochtige, goed uitgewrongen doek. Gebruik geen stoomreiniger en dweil niet nat, want vocht dringt in de naden. Kies een reiniger zonder schuurmiddel.
Kleine krassen camoufleer je met een reparatieset in de kleur van de vloer. Bij diepe schade vervang je de plank, en omdat de vloer zwevend ligt is dat werk voor een vakman. Viltglijders onder meubels beperken krassen het meest.
Dat hangt af van gebruiksklasse, gebruik en onderhoud, niet van een vast aantal jaren. Welke garantietermijn bij woongebruik geldt, staat bij de vloer; vraag de winkel naar de voorwaarden. Een vloer zonder zand en veel water houdt zijn toplaag het langst.