Je muur en de breedte van de voeg bepalen welke plint past, niet het materiaal van de vloer. Je komt drie soorten tegen: de folieplint, de gelakte plint en de plakplint.
Een folieplint is van mdf met een folielaag, in wit, zwart of een decor en in vormen als recht, rond of met een kraal. Een gelakte plint is in de fabriek gelakt, meestal in wit of zwart, en heeft een gesloten, gladde afwerking. De kern is vaak mdf of hdf; kies in een vochtige ruimte een vochtwerende kern. Een plakplint is een dunne, lage plint met een kleefstrook. Je plakt hem tegen de wand, zonder schroeven of kit. Dat gaat snel, maar hij dekt alleen een smalle voeg af.
Kies een plakplint bij een gladde, schone en droge wand en een smalle voeg. Is de wand ruw, stoffig of oneffen, of is de voeg breder dan de plint kan afdekken, kies dan een folieplint of gelakte plint die dik genoeg is om de voeg te bedekken. Voor de voeg telt de dikte van de plint, niet de hoogte.
Ligt er een groot oppervlak laminaat, dan zet de vloer meer uit, is de voeg vaak te breed en kan een plakplint loskomen. Kies dan een dikkere plint die je met kit of schroeven vastzet, en gebruik een plakplint alleen rond de deurlijst, waar een dikkere plint niet past.
Wil je de oude plint laten zitten, dan bestaat er een plint die eroverheen past: de overzetplint, ook renovatieplint of voorzetplint genoemd. Hij heeft aan de achterkant een uitsparing en dekt de oude plint af, dus vergelijk eerst de hoogte en dikte van je oude plint met de maat van de overzetplint. Let op bij een nieuwe zwevende vloer: de uitzetvoeg voor de oude plint is vaak te breed om met een overzetplint af te dekken, en dan moet de oude plint er alsnog uit. Snoeren kun je vaak kwijt in de ruimte achter een overzetplint of in een plint met kabelgoot.
De ruimte en de deurlijst bepalen de hoogte, en de kleur hangt af van wat je wilt zien: een plint die wegvalt of een plint die bij de vloer hoort.
Een hoge plint past bij een hoge ruimte of een brede deurlijst en geeft de wand een stevige onderrand. In een kleine ruimte of bij een smalle deurlijst valt een lage plint minder op. Een hogere plint verbergt ook beter een wand die onderaan niet recht is. Er is geen vaste norm. Veel wandplinten zijn ongeveer 70 tot 120 mm hoog, een plakplint is meestal veel lager. De hoogte en dikte staan bij het product, dus leg die naast de breedte en dikte van je deurlijst.
Kies de kleur van de wand als de plint moet wegvallen, en de kleur van de vloer als hij erbij moet horen. Wit is de neutrale keuze bij een witte wand. Zwart geeft een heldere lijn, bijvoorbeeld bij zwarte kozijnen of deurklinken. Plinten in een decor, van houtlook tot betonlook, sluiten aan bij de vloer. Een witte folieplint kun je later in een andere kleur overschilderen als je de wand verandert.
Je bevestigt een plint altijd aan de muur en nooit aan de vloer, want de vloer moet onder de plint kunnen uitzetten en krimpen. De plint dekt die uitzetvoeg af.
Staat de bevestiging niet bij het product, vraag dan de winkel welke kit of lijm past.
Meet de omtrek van de ruimte, trek de deuropeningen af, deel door de lengte van één plint en rond naar boven af, met één stuk extra voor zaagverlies.
Een voorbeeld: een kamer van 3,5 bij 4,2 m heeft een omtrek van 15,4 m. Trek je twee deuropeningen van 0,9 m af (samen 1,8 m), dan blijft 13,6 m over. Bij plinten van 2,4 m zijn dat 5,7 stukken, afgerond 6, plus 1 extra voor zaagverlies is 7 stukken. De lengte van de plint staat bij het product, dus reken met die lengte.
Bij alle drie de vloeren dekt de plint de uitzetvoeg langs de muur af, en de breedte van die voeg staat in het legvoorschrift van de vloer.
Bij laminaat en zwevend gelegd parket zet de vloer uit, dus zet de plint vast aan de wand en laat de vloer vrij. Bij PVC vloeren heb je geen speciale PVC plint nodig: de wand en de voeg bepalen welke plint past. Een klik PVC vloer ligt zwevend, dus lees het voorschrift voor de voeg. Een plak PVC vloer ligt vast op de ondergrond; de voeg bepaalt daar of een plakplint genoeg afdekt.
Bij een plint hoort meestal een profiel in de deuropening en een ondervloer onder de vloer.
Een plint werkt de rand langs de wand af, profielen werken de overgang bij de deur af en een ondervloer ligt onder de vloer. Vraag de winkel of hij de plinten in je offerte wil meenemen, dan staan vloer en plint in één overzicht. Wat je verder nodig hebt, vind je bij toebehoren.
Er is geen vaste norm: een hogere plint past bij een hoge ruimte of brede deurlijst, een lagere bij een kleine ruimte. Veel wandplinten zijn ongeveer 70 tot 120 mm hoog. Voor de uitzetvoeg telt niet de hoogte maar de dikte: de plint moet dik genoeg zijn om de voeg te bedekken. De maten staan bij het product.
Een witte folieplint kun je overschilderen. Schuur hem licht, ontvet hem en gebruik een verf die bij de ondergrond past. Een gelakte plint kun je ook overschilderen na licht schuren, al is die vooral handig als je de kleur wilt houden.
Ja, als de wand glad, schoon en droog is en de voeg smal. Bij een groot laminaatoppervlak beweegt de vloer meer en is een dikkere plint die je met kit of schroeven vastzet betrouwbaarder. Gebruik de plakplint dan alleen rond de deurlijst.
Meestal wel, om de rand en de voeg langs de muur af te werken. Een speciale PVC plint is niet nodig: kies een plint die bij de wand en de voeg past, in de kleur van de wand of de vloer.
Aan de muur. De vloer moet onder de plint kunnen uitzetten en krimpen, en de plint dekt die voeg af. Zet je de plint aan de vloer vast, dan kan de vloer gaan bollen of kieren.
Een folieplint is mdf met een folielaag en er zijn veel decors; een witte folieplint kun je overschilderen. Een gelakte plint is in de fabriek gelakt, meestal in wit of zwart. Kies folie voor een decor, gelakt voor een gladde, kant-en-klare afwerking.
Zaag de plint in verstek: twee stukken onder een hoek van 45 graden die samen een hoek van 90 graden vormen. Oefen eerst op een restje. Zijn de muren niet haaks, dan helpt een hoekstuk dat de hoek afdekt.
Meet de omtrek, trek de deuropeningen af, deel door de lengte van één plint, rond naar boven af en tel één stuk extra voor zaagverlies. Het rekenvoorbeeld staat hierboven.
Houd drie cijfers bij de hand: het aantal meters wand, het aantal deuropeningen en de uitzetvoeg van je vloer. Vraag gratis een offerte aan; je ontvangt tot drie offertes.